Inleiding

15-8-2016

Op deze website wordt onderscheid gemaakt tussen bronnenonderzoek, proefondervindelijk onderzoek, ontwerpen en modelleren. Hieronder wordt kort uitgelegd wat onder de verschillende soorten onderzoek kan worden verstaan.

Voor leerlingen is voor elk van deze onderzoeken een stappenplan beschikbaar, waarin per stap wordt uitgelegd waaraan een leerling moet denken.

​Bronnenonderzoek

Waarschijnlijk is het literatuuronderzoek de meest voorkomende vorm van een bronnenonderzoek. Maar in deze categorie vallen ook onderzoeken waarbij de informatie vooral afkomstig is uit een enquête, een of meer interviews of andere dataverzamelingen.  

Proefondervindelijk of experimenteel onderzoek

Bij een proefondervindelijk of experimenteel onderzoek gaat het om het zoeken naar een antwoord/antwoorden op een onderzoeksvraag of een probleemstelling door het uitvoeren van experimenten. Tijdens het uitvoeren worden er waarnemingen gedaan, aan de hand waarvan er vervolgens doe je conclusies worden getrokken.

Ontwerpen

In een ontwerpopdracht maken geven leerlingen een beschrijving van iets of maken zijn een ontwerp. Men kan hierbij denken aan een bouwkundig ontwerp, een kleding of kunst ontwerp, maar ook aan het maken van een maquette of product of een beschrijving van de (her)inrichting van een gebied.

Modelleren

Een model is in het algemeen een hulpmiddel bij het oplossen van problemen of het ontwerpen van producten of diensten. Een tastbaar model wordt bijvoorbeeld vaak gebruikt om de specificaties van een product te achterhalen. Een conceptueel model kan dienen om de huidige en de gewenste situatie in een probleemcontext te beschrijven en met elkaar te kunnen vergelijken. Een wiskundig model dient er vaak toe om een probleemsituatie in een toepassingsdomein te beschrijven en met behulp  daarvan het probleem op te lossen. Zie onderstaande figuur. Als het doorrekenen van een wiskundig model te complex is, kan soms uitgeweken worden naar een simulatiemodel.


 

model.png 

 
Daarom kan de vraag opgeworpen worden of modelleren een zelfstandige activiteit is. Daarvan is alleen sprake als een model het beoogde eindresultaat is. Er ligt dan niet een concrete probleemstelling voor, maar de wens om in de toekomst verwante problemen vlot op te kunnen lossen.

Voorbeeld
Als je schade aan je auto hebt en daar zelf schuld aan hebt, kun je die claimen bij je verzekeringsmaatschappij. Als gevolg daarvan daal je op de bonus/malusladder en moet je vanaf volgend jaar meer premie betalen. De vraag doet zich dan voor of het loont de schade zelf te betalen en niet te claimen. Je kunt in een concreet geval berekenen wat de beste keuze is. Maar je kunt ook een model maken aan de hand waarvan je in alle gevallen vlot kan bepalen wat de beste keuze is. Je maakt dan een rekenhulp en dat is een voorbeeld waarbij een model als eindresultaat van een (ontwerp)proces is.

Het is verstandig onderscheid te maken tussen een model als hulpmiddel en een model als eindresultaat. In het eerste geval is modelleren een stap bij het oplossen van problemen, het doen van onderzoek of het ontwerpen van een product of dient. In het tweede geval volgt het maken van een model de stappen van een ontwerpproces.